ADD en ADHD

Aandacht en concentratiestoornissen

ADHD staat voor ‘attention deficit hyperactivity disorder’. In het Nederlands betekent dit ‘aandachtstekort-hyperactiviteitsstoornis’. Bij ADHD wordt al snel gedacht aan drukke en impulsieve kinderen, maar er zijn ook volwassen ADHD-ers. ADHD behoort tot de aandacht- en concentratiestoornissen. Uit erfelijkheidsonderzoek blijkt dat er een verhoogd risico bestaat dat broertjes en zusjes van een kind met ADHD ook de stoornis hebben. Mensen met ADHD vinden het moeilijk om zich te concentreren en zijn vaak hyperactief en impulsief.

 

Concentratiestoornissen

Niet alleen kinderen en volwassenen met ADHD hebben last van concentratieproblemen. Problemen om de aandacht langere tijd vast te houden komen ook voor bij een aantal andere aandoeningen, zoals bij ADD, depressie, burn-out, schizofrenie of na een beroerte. Maar ook mensen zonder verdere problemen of diagnose kunnen concentratieproblemen hebben. Dat geldt voor kinderen, maar ook voor sommige volwassenen. Het levert dan problemen op school op, of op het werk.

Neurofeedbacktraining
Bij kinderen en volwassenen met concentratieproblemen en/of hyperactief gedrag wordt meestal een onderactivatie van de hersenen gemeten. Dit blijkt dan uit de QEEG meting die bij het Biometrisch Centrum Kampen gedaan wordt. Drukke kinderen hebben dus niet altijd drukke hersenen. Er zijn aanwijzingen dat juist de gebieden van de hersenen die noodzakelijk zijn om te kunnen concentreren en het eigen gedrag te sturen minder geactiveerd zijn.
Een kleine groep kinderen met ADHD reageert niet of averechts op medicatie. Uit onderzoek blijkt dat bij deze groep kinderen niet alleen een onderactivatie bestaat, maar ook een overactivatie van bepaalde gebieden. De stimulerende effecten van medicatie vergroten ook de overactiteit, waardoor het medicijn averechts werkt. Sommige kinderen en volwassenen hebben veel bijwerkingen van de medicijnen. Bij BMC wordt geprobeerd de hersenen te activeren door neurofeedbacktrainingen.

Resultaten en effectiviteit
Het is vooraf moeilijk te zeggen hoeveel trainingen er nodig zijn. Dit is afhankelijk van de klachten, de afwijking van de hersenactiviteit en de vorderingen tijdens de trainingen. Na acht tot tien trainingen worden vaak de eerste gedragsmatige veranderingen opgemerkt. Patiënten geven aan dat ze beter inslapen en dat ze zich rustiger voelen. Gemiddeld genomen zijn er twintig tot dertig behandelingen nodig voor aandacht- en concentratiestoornissen. Na de trainingsreeks geven mensen vaak aan dat ze zich beter kunnen concentreren. Ook worden de prestaties op school, of op het werk beter.
Er zijn veel onderzoeken gedaan naar de effectiviteit van neurofeedback bij ADHD en bij concentratieproblemen.De resultaten zijn zeer positief. Inmiddels hebben een aantal studies aangetoond dat de effecten ook na langere tijd blijven bestaan. De veranderde hersenactiviteit wordt vanzelf ingezet in het dagelijks leven. Hier is geen extra oefening voor nodig. Het vermogen van u of uw kind om zich te concentreren wordt vergroot. Kinderen gedragen zich rustiger, maar voelen zich ook vaak rustiger.

Klik hier om het verhaal van Jilles te lezen

Klik hier om het verhaal over ADD te lezen

Animated Social Media Icons by Acurax Wordpress Development Company